Winti’s

De Kumanti winti (Kromanti winti)
De kumanti winti is van oorsprong een winti van het element lucht, en is net als de Ampuku winti een Afrikaanse winti. De Kumanti winti is een zeer moedige winti en een goede genezer. Degene die leeft volgens een bepaald patroon welke goed en bevorderlijk is voor zijn of haar kumanti winti, kan hier heel veel nut van ondervinden. Dit geldt trouwens voor iedere winti. De kumanti winti heeft zeven broers. Hij maakt ook gebruik van de kennis en kracht van de andere broers als dat nodig is, en dit maakt hem tot een machtige winti. Alle kumanti’s kunnen vliegen. Echter alleen de oudste broer, ‘Tata Opété Jaw’ maakt nog gebruik van zijn vliegkunst en staat erom bekend. Dit doet hij omdat hij van alle andere winti het dichtst bij ANANA (God) staat. Sommige mensen menen dat Tata Opété Jaw de stand van zaken voor ANANA (God) waarneemt. Hij brengt als het ware verslag uit, en houdt de andere winti’s op aarde op de hoogte. Een kumanti winti is kundig, bekwaam
en intelligent. Een kumanti staat ook voor uitzonderlijke kracht en moedigheid. Als hij aanwezig is zal hij bijna altijd zijn kundigheid openbaren. De kumanti winti komt voor in alle rangen waarin winti’s zijn verdeeld.

Er bestaan dus verschillende soorten kumanti winti:
• Boesi kumanti (= bos kumanti)
• Watra kumanti (= water kumanti)
• Gorong kumanti (= aarde of grond kumanti)
• Nengrékondré kumanti (= negervolk kumanti)

De kumanti bezit de kunst om in vuur te dansen en loopt op gebroken glas zonder zich te verwonden. Bij tijd en wijlen eet hij die ook op als hij dat nodig vindt. Meestal doet hij dat als men hem uitdaagt. Dan toont hij zijn kunnen en laat hij de mensen versteld staan van zijn onkwetsbaarheid. Als een Kumanti bezit van iemand neemt en de betreffende persoon alle rituele formaliteiten
verricht die verricht moeten worden, kan er zelfs met een geweer op hem/haar geschoten worden, zonder dat de afgevuurde kogel hem/haar raakt of verwondt!

De kumanti spreekt zijn eigen taal, de ‘Kumanti tóngó’ (tóngó = is taal of tong). Deze taal wordt ook wel door bepaalde Afrikaanse stammen gesproken. Vandaar men aanneemt dat de Kumanti winti in Afrika zijn oorsprong vond. Dat is niet verbazingwekkend als men ervan uitgaat, dat op het Afrikaanse continent het menselijke leven heeft aangevangen. Als een Kumanti winti bezit van iemand neemt, kan die persoon van het één op het andere moment vloeiend ‘Kumanti tóngó’ spreken. Alles wat de Kumanti winti uit, onthoudt de persoon in kwestie en kan dit ook napraten. Wanneer de persoon niet meer in trance is, en men de ‘kumanti tóngó’ met hem of haar spreekt, antwoordt de persoon gewoon in de taal van de Kumanti! Dit is in zekere zin logisch, omdat men in feite met de Kumanti winti van de persoon spreekt, en het de Kumanti is die antwoordt. De persoon spreekt buiten zijn eigen wil, verstaat de taal. Op deze manier leert men op den duur de Kumanti tóngó vanzelf spreken. Het is een heel mooie taal, statig om te horen, deftig om te spreken. Op dat moment voelt men zich zeer verheven om hieraan deel te mogen hebben. Omstanders zien de persoon die deze taal spreekt dan ook, als een ingewijde persoon, een kenner.

De Watra Ingi winti
De watra ingi winti valt onder het element water. De watra ingi winti is een mooie en vrolijke winti. Een watra ingi winti manifesteert zich met al zijn trost maar ook met bescheidenheid. Hij is parmantig in zijn houding en deftig in zijn doen. Als hij zich openbaart, doet hij dit met veel bescheidenheid, beleefdheid en eer, en zo begroet hij dan alle aanwezigen. Deze winti laat degene bij wie hij zich openbaart, aan de aanwezigen vragen hoe het met hen is. Mocht iets hem opvallen bij één der aanwezigen, dan laat hij dat ook gelijk weten. Is het een probleem of iets wat niet voor een ieders oor geschikt is, dan zal hij de persoon in kwestie apart roepen en dit in alle bescheidenheid vertellen.

Ook bij de ingi winti is er verscheidenheid in rang en stand. Eén ervan is de Papa ingi of Kapting Ingi (= kapitein indiaan) of Piai mang. Een kapting ingi winti kan ook een goede ziener en genezer zijn. De Papa ingi, Kapting ingi of Piai mang verricht goed werk binnen de winti cultuur. Behalve dat het een goede genezer is, is het ook een goede medicijnman of medicijnvrouw. Alom bekend zijn de formidabele kruiden voor allerlei kwalen en ziekten die deze winti kan prepareren. Daarnaast drijft hij ook boze geesten uit, die bezit van mensen nemen. Deze kwade geesten kunnen echter ook door zwarte magiers naar hun vijanden gezonden worden om die een kop kleiner te maken. Als de bezwering goed gestructureerd is kan het bij de persoon waarvoor deze bestemd is, behoorlijk veel schade aanrichten en zelfs de dood tot gevolg hebben.

Aversie van geesten
Meestal heeft een ingi winti een aversie van geesten (jorka’s) , echter de kapting ingi winti niet. Waarom dat zo is, weet niemand. Als iemand bezeten is van een geest (jorka) kan de ingi winti precies vertellen hoe dat komt, of door wie de jorka gestuurd is. Dit doet hij gedetailleerd, hij vertelt zelfs hoe laat het was en op welke dag dit gebeurde. Echter de jorka zelf weghalen, doet hij niet. Dat laat hij liever aan de Kromantie winti of een andere obia over.

Vrolijke aard
Een Ingi winti kan heel mooi dansen, door zijn vrolijke aard. Op feesten is het de Ingi winti die in de meeste gevallen, zijn mooie danskunsten vertoont via degene bij wie hij zich openbaart. Hij vrolijkt de ganse boel op en maakt heel veel plezier. De Ingi muziek is ook heel erg vrolijk van toon. Het klinkt vooral melancholisch en is ook een ode aan het dagelijkse leven. Heel vaak ook laten ze in hun liederen merken hoe ondankbaar de mens kan zijn. De gebreken en tekortkomingen van de mens stellen ze aan de orde.

De Boesi Ingi winti
De Boesi ingi winti’s behoren tot het element bos. Oorspronkelijk bewaakten zij alles wat zich in het bos begaf (denk aan de marrons = weggelopen slaven). De Boesi ingi winti gedraagt zich in tegenstelling tot de Watra ingi winti heel anders. Ze zijn over het algemeen heel erg strak in hun doen en laten. Ze verdragen niet veel en zijn kort en bondig. Meestal als ze iets kenbaar moet maken, dan doen ze dat zonder al te veel omzichtigheid en tact. Dit is het geval en dat staat te gebeuren; wil men verandering hierin brengen, dan dient men zo te handelen! Zo luidt meestal hun boodschap, en klaar zijn ze.

Eigenschappen
Ook de boesi ingi winti is een goede genezer. In tegenstelling tot de watra ingi is de boesi ingi winti helemaal niet afkerig voor jorka’s (geesten). De boesi ingi winti toont zich agressiever in zijn gedrag. De boesi ingi winti is ook een goede beschermer voor zijn “Asi Boi’ (= drager van de winti). Hij biedt bescherming tegen boze geesten, tegen messteken en geweerkogels. Dit wil niet zeggen dat een ieder die een boesi ingi winti heeft vanzelf beschermd is. Verre van dat, men moet de winti eerst daarop voorbereiden doormiddel van “wasi” rituelen (rituele baden) en foela’s (inwijdingen).

Dansen / liederen
De boesi ingi winti dans is bijna gelijk aan die van de watra ingi, maar oogt een beetje agressiever. Zelfs de danspassen ogen grover van structuur en bewegingen. Aan een boesi ingi winti kan men niet altijd zien of hij vrolijk is of niet. De boesi ingi winti liederen zijn minder melancholisch. Bij deze liederen gaat het niet over de mensen met hun tekortkomingen of de teleurstelling in de mens, de Boesi ingi winti liederen gaan over de boesi ingi winti zelf. Hoe dapper hij is of wat hij allemaal op zijn wegen is tegengekomen en hoe hij alle problemen of gevaren heeft overwonnen. Ja, op dat moment viert de glorieuze tempel met de gladiatoren hoogtij.

De Pa-winti
De papawinti of ‘pawinti’ is een aarde winti (sur.woord = grong winti). Alle gron winti’s worden ook wel vodu winti’s ( = winti’s van de plantages en dorpen) genoemd. In de winti religie is moederaarde verdeeld in Mama Aisa en Pa Winti en deze twee-eenheid manifesteert zich afzonderlijk bij mensen. Een voorbeeld hiervan is dat de Pa Winti zich manifesteert bij een vrouw, en Mama Aisa zich manifesteert bij een man. Het mooie of juist ingewikkelde van dit alles is dat deze 2 mensen ook broer en zus van elkaar kunnen zijn. Ook kan het dat de beide winti’s zich in één persoon manifesteren. Een mens kan niet zelf bepalen welke winti aan hem wordt overgeleverd via voorouders, en wanneer. Dit bepalen de winti’s zelf.

Soorten vormen
De Aisa en de Pa Winti kunnen zich in tientallen soorten vormen manifesteren. Elke vorm heeft weer een andere naam. Dit komt omdat ieder mens in zijn eigen cultuurpatroon verankerd zit. Aisa en Pa Winti vereenzelvigen zich dan met de cultuur van de persoon in kwestie. Om een voorbeeld te geven; een Javaan die in trance raakt tijdens een jarang kepang ceremonie; de winti die zich in hem manifesteert krijgt dan een javaanse naam, omdat de persoon een javaan is. De winti identificeert zich met de Javaan in zijn gewoonten en zijn religie. Dus de Aisa winti of de pa winti openbaart zich in de javaan anders dan dat dezelfde winti’s zich in een hindoestaan, blanke of creool zou openbaren.

Omstandigheden
De Pa Winti wordt ook wel de Nékése dágwé winti genoemd. Een winti past zich aan aan de fysiologische en klimatologische omstandigheden van een land of continent. Een winti is universeel en kan zich overal in de wereld handhaven en in stand houden. Een winti staat in gratie van Anana kedeamang kedeampong (=God) en heeft doelen die hem opgedragen zijn door Anana, te verrichten ter dienste en ten goede van de mensheid. Een mens moet zich zien staande te houden in deze wereld, en dit kan volgens de Winti religie niet zonder winti. De winti heeft de mens niet nodig om voort te bestaan, maar andersom heeft de mens de winti nodig om in gratie bij Anana te komen. De winti voert enkel de opdrachten uit die Anana hem geboden heeft en heeft daarvoor een klankbord nodig om te spreken en een lichaam. Daarom manifesteert een winti zich in de mensen zelf.

Bekendste soorten
Er zijn 13 soorten Papa dagwé winti’s. De nékésé is één van de bekendste soorten. Veel mensen zijn voorzichtig als ze weten dat er één bij hen woont. Het is dan ook de strengste van de grong (= aarde) winti soorten. Als hij eenmaal toornig is, is het heel moeilijk om hem weer gunstig te stellen. De Pa Winti waarschuwt slechts 1 keer! Wie tegen zijn geboden of aanwijzingen ingaat wordt heel vaak direct gestraft. Hij is echter een goede beschermer en zorgt goed voor degene die gehoor en aandacht aan hem geeft. De Aisa en de Pa Winti zijn meestal familie winti’s. Hun invloed reikt over een hele stam of familie.

De Aisa winti
Mama Aisa heeft het beheer over alle winti’s, en daarom wordt bij veel winti rituelen eerst om haar goedkeuring gevraagd, eer men verder gaat. Mama Aisa deelt haar geheimen aan degene die haar eerbied toont, via dromen, en beschermt hem. Een belangrijke kenmerk van de Aisa Winti, is dat zij zich openbaart bij mensen die al wat ouder zijn ( bij mensen, meestal vrouwen, vanaf de leeftijd van 40 jaar). Middels dromen openbaart Aisa zich als een creoolse vrouw van middelbare leeftijd, gekleed in traditionele kleding (kótó = creoolse klederdracht). De Aisa winti brengt voorspoed en rijkdom, maar ook tegenspoed en armoede voor hen die het volgens Aisa verdienen. Mama Aisa en Tátá Lókó straffen na een overtreding niet meteen, maar geven nadat zij in beraad gegaan zijn met de winti’s van de béré (= familie of stamboom), eerst waarschuwingen via dromen. Schenkt men geen aandacht aan de waarschuwingen, dan sturen zij de Ampuku, de Adumankama, of de Akantasie winti om straffend op te treden.

Invloedrijke winti
De Aisa winti en Lókó winti staan aan het hoofd van de grongwinti’s (aarde winti’s). Het is dus een grong winti, en winti aanhangers beschouwen haar als de hoogste van alle winti’s, omdat zij één der invloedrijkste winti’s is en bij iedereen respect afdwingt. Omdat Aisa een grong winti is wordt zij ook wel “Mama fu dóti” (= moederaarde) genoemd.

Behalve met de naam Mama Aisa, wordt de Aisa winti ook met de volgende namen aangeduidt: Agidawenu, Soko ma, Néngrékondré ma, Aida, M’Aisa, Mama Awanaisa.

Soorten
De Aisa winti kent binnen de winti religie verschillende soorten Aisa winti’s:

Kóndre Aisa of plantage Aisa
Deze Aisa staat aan het hoofd van alle Bere Aisa winti’s van de verschillende families die van dezelfde plantage afkomstig zijn. Haar man is de Tátá Lókó winti en hij wordt ook wel Papa Lókó of Tátá Dato genoemd. Hij is een machtige slangen, welke bij de verering van Aisa absoluut niet vergeten mag worden. Aisa attendeert trouwens iedereen erop dat zij ook haar man moeten vereren. Wanneer Aisa om gunsten gevraagd wordt overlegt zij met haar man Tátá Lókó. Tátá Lókó verkiest een boom, het liefst bij het water, als vaste verblijfplaats. Meestal is het een Kankantri boom (hoogste boom die in Suriname groeit), en daarom wordt deze boom ook wel de Lókóboom genoemd. Echter verkiest hij soms ook een mópé boom (mópé = klein oranje vrucht) of een manja ( = mango) boom.

Béré Aisa (béré = stamboom, familie)
Zij staat aan het hoofd van alle familie winti’s

Prasi Aisa (prasi = erf)
Zij hoort tot een bepaalde erf of grondgebied. Zij heeft meestal een Kapting Ingi winti (kapting = kapitein, ingi = indiaan) als partner. Als zij zich in de gedaante van een klará snéki ( = ongevaarlijk zwart-wit gestreept slangetje) op het erf manifesteert, is dit een voorteken van een op komst zijnde zwangerschap van iemand, of laat zij weten dat iemand zwanger is.

Boesi of báká grón Aisa (boesi = bos, báká grón = plantage)
Zij hoort of is verbonden met het plantagegebied en de kostgronden.

De Ampuku winti
De ampuku winti is een Afrikaanse winti. Het is een bos winti. In de rangorde van de winti religie behoort de ampuku tot één van de lagere winti’s. Desondanks is de ampuku een zeer slimme winti. Hij is in staat alle andere winti’s te imiteren. Iemand die geen echte kenner van de winti religie is, kan gemakkelijk misleid worden door de ampuku winti. De ampuku kan zich voordoen als één van de andere winti’s, door zich als zodanig te openbaren. Maar een goede kenner doorziet direct de bepaalde eigenschappen die een ampuku eigen is.

De ampuku staat in dienst van andere hogere winti’s. Alle opdrachten van de hogere winti’s worden uitgevoerd door de ampuku. Als een winti iemand wil straffen, draagt hij de ampuku op deze straf uit te voeren. Vandaar dat de ampuku een zeer slechte naam heeft bij heel veel mensen. De slechte naam die hij heeft laat hem niet ongevoelig. Hij trekt het zich wel aan. Dat kan men in de liederen ter ere van ampuku winti horen.

Ondanks dat alles, heeft de ampuku winti toch zijn goede kanten. Als er iets niet in orde is, is het wel ampuku die dat als eerst kenbaar maakt. De ampuku verricht ook meestal het zware werk als werk verzet moet worden. Ampuku is dan één van de eerste die zich bereid verklaart om mee te helpen bij het oplossen van het probleem. De ampuku winti is ook een beetje wispelturig. Het ene moment is alles in orde, en binnen de kortste keren scheelt er wat aan Meester ampuku.

Onderhoud
Onder de ampuku winti zijn er verschillende varianten ampuku’s. De ampuku kan zich ook met een andere winti vereenzelvigen, bijvoorbeeld met de Adoemankama winti. Daardoor kan het een nog krachtiger winti worden. Het is al eerder vermeld dat de ampuku winti een harde werker is. Hij zet zich in voor de persoon bij wie hij zich openbaart. Mensen met een ampuku winti kunnen een rijkelijk leven leiden als degene goed voor zijn ampuku zorgt. De ampuku voelt zich ook snel gepasseerd, en laat dat ook binnen de kortste keren weten. De ampuku is een mooie winti, maar heeft ook veel onderhoud nodig, wil men profijt van hebben. “Ik kan wel voor je zorgen en maken dat je niets tekort komt in het leven, maar dan moet je mij ook aandacht geven en met me pronken” dat is wat meester ampuku doorgeeft aan zijn “dragers”.

In relatie
Als een ampuku een vrouw begeleidt, ziet hij niet graag dat de vrouw een partner heeft. Soms kan dat heel veel problemen opleveren als ampuku hierdoor toornig wordt. Zeer veel korte relaties waarin vele ruzies voorkomen, zijn het gevolg van ampuku’s gekrenkte trots. Wantrouwen in de relatie is één van de hoofdoorzaken. Als de vrouw een ampuku winti heeft, schijnt zij op de één of andere manier snel te weten wanneer haar partner vreemd gaat. De ampuku winti is één van de grootste verklikkers binnen de relatie. De ampuku “vertelt” alles en dan ook alles (middels dromen of visioenen) wat haar partner buitenshuis uitspookt. Mannen, heeft uw vrouw dus een ampuku winti, wees dan op uw hoede!

De Akantasie winti
De akantasie is een boesi winti met een verre oorsprong. Deze obia of winti is er één die niet aan iedereen zijn oorsprong prijs geeft. De Akantasie is bijna verwant aan een ampuku winti. Het woord ‘bijna’ wordt genoemd omdat zijn oorsprong, vaardigheden en kennis dieper zijn dan die van de ampuku winti. De akantasie behoort tot de lagere of de middenklasse winti. In tegenstelling tot de ampuku, die zijn oorsprong in Afrika heeft, is de akantasie een Sranangrong konfo (een winti ontstaan in Suriname).

Akantasiehuis
De akantasie heeft zijn huis meestal onder of dichtbij een lókó boom. Ook in berggebieden, aan de voet van een berg vind men meestal deze winti’s. Deze nestelt zich aan de voet van een berg onder de grond. Zijn huis ziet er uit als een grote termietenhoop aan de voet van een berg of gehecht aan een boom. Als men dichtbij een akantasiehuis komt met een kompas, raakt de kompas totaal ontregeld. Mensen die naar het bos gaan moeten niet altijd volledig op hun kompas vertouwen, als Tátá Akantasie in de bos woont. Een fles bier (op de grond sprenkelen) een beleefde groet en eerbiedige benadering stemt deze winti gunstig. Echter niet in alle termietenhopen woont een akantasie winti.

Herkenning
Een akantasie winti heeft een sterk indringende geur. Wanneer iemand in trance raakt door deze winti (de winti neemt bezit van het lichaam), ruikt die persoon op dat moment naar akantasie. In het oerwoud gaat een akantasie-huis schuimen als hij wil dat men uit zijn buurt moet blijven. Een akantasie is te vergelijken met een schuwe weeskat. Zo gedraagt hij zich een beetje; “ga jij je gang, ik akantasie ga de mijne”.

Gedrag
Hij is prietpanji (neemt geen blad voor de mond, een prietpanji is Surinaams voor ‘gescheurde omslagdoek’), denk dus niet hem de les te willen lezen. De meeste doe sma (genezers) willen bijna nooit een akantasie winti inwijden. Een akantasie obia laat zich zelden in de stad prepareren (dwz een sreka = inwijdingsritueel uitvoeren). Hij zal er alles aan doen om de mensen naar het bos te leiden. Eenmaal daar aangekomen zal hij al zijn kunnen openbaren aan de aanwezigen, meestal zijn dit familieleden en goede vrienden van de ingewijdene. akantasie heeft vaak de neiging om de rol van de doe man of doe oema (winti genezer of genezeres) over te nemen. Maar een goede doe man of doe oema redt het in de meeste gevallen wel.

De akantasie is een sterke en dappere winti, en is af en toe ietwat confronterend. Als er een foeka (familieruzie) binnen zijn béré (familiestamboom) is, is hij één van de eerste winti’s, misschien wel eerder dan de Ampuku winti, die dit zal aangeven.

De Luangu
Deze winti’s behoren tot de hogere orde van winti’s. Hun element is aarde, en ze worden daarom ook wel Gron (gron = aarde of grond) winti’s of Nengrekondre winti’s (nengrekondre = land van Afrikanen) genoemd. De luangu winti komt uit Afrika, en is zowel mannelijk als vrouwelijk. Er zijn dus zowel mannelijke luangu winti’s als vrouwelijke. In de winti taal worden door de wintigelovigen, de vrouwelijke luangu winti’s Luangu Missie’s genoemd, en de mannelijke luangu winti’s Luanga Masra’s.

Hoofdzakelijk
De luangu winti is hoofdzakelijk een goedaardige winti. Deze winti’s verlenen graag hulp, luisteren graag, beschermen tegen kwaadaardige (vertoornde) winti’s, en houden van plezier in groepsverband. Luangu’s zijn gevoelige winti’s die in hun gedrag overeenkomen met de Aisa winti, namelijk de Gron Ma (= moederaarde).

Samenwerking
In gevallen van bezweringen ( = obia) werken de luangu winti’s samen met de Ampuku en de Kumanti winti’s. In deze combinatie heten ze Luangu-Ampuku-Obia en Luangu-Kumanti-Obia. In gezelschap van de Ampuku winti hebben zij de leiding en met de Kumanti winti werken zij samen in harmonie, omdat zij met deze laatste zeer goed overweg kunnen.

De Leba winti
Mama leba en papa leba zijn één en dezelfde entiteit binnen de winti cultuur. De Leba is een bijzondere winti in de winti cultuur. De leba oogst heel veel gezag en speelt een bijzondere rol bij het aanleggen en onderhouden van de contacten binnen de winti religie. De leba is de bewaker en hoeder van de kabra hoedt de mens voor de kwaad-aardige en nutteloze geesten, die als de mogelijkheid het toelaat veel kwaad en schade kunnen toebrengen aan mensen, al dan niet gedirigeerd door boosdoeners (wisi man). De leba treedt op als een soort tolk. Hij is het die als eerst wordt aangeroepen bij elk winti ritueel, omdat hij contact legt met de winti’s en de mens. Hij is te vergelijken met Eshu Elegbara, één van de goden uit de voodoo cultuur.

Taken
De leba onderhoudt contacten met de familiewinti’s en de Kabra’s en alle andere entiteiten die bij een sréka (inwijdingsritueel) aanwezig horen te zijn. Wanneer men plaatsen van vroegere voorouders moet bezoeken, geeft de Leba dat door aan belangrijke stamwinti’s. Ook bemiddelt de leba als er bepaalde obstakels zijn, of waren. Hij maakt de weg vrij voor verzoening. Vooralsnog, wat voor soort pai men zet, de Leba pai hoort als eerste geplaatst te worden. Bij een djodjo pai hoort een Leba pai, een liba pai (offer voor de rivier) , een boesi pai (offer aan het bos), een grong pai (offer aan de grond), een Kabra tafra (voorouders tafel), een jéjé of kra tafra (tafel voor ziel) en verder alle andere rituele verrichtingen.

Functies
Leba heeft ook een opruimende functie, letterlijk en figuurlijk. De Leba behoedt de buurt of omgeving van rampspoed en boze geesten en beschermd mensen, vooral kinderen die onder zijn paraplu geboren zijn. Hier en tegen verlangt de Leba dat de mensen die in zijn buurt wonen deze dan ook schoonmaken en onderhouden. Indien men dit niet doet, laat de Leba van zich horen en gaat hij ‘s nachts tekeer. Men zegt dat dit te merken is, als honden ‘s nachts huilen en blaffen zonder enige aantoonbare reden. De leba is dan op pad. Het is dan goed om na te gaan of de tuin of erf, of de buurt aan een grote schoonmaakbeurt toe is, en na te gaan wanneer er voor het laatst een leba pai gezet is. In sommige gevallen kon het ook voorkomen, dat als er iemand in een buurt zou komen te overlijden, de Leba enkele avonden van tevoren tekeer ging. Merkwaardig was het dat als de Leba tekeer ging met zijn roepgeluiden, deze gevolgd werden door het geblaf en gehuil van honden, waardoor de schrik er bij de mensen goed in zat. Eén ding is zeker, en dat is als de Leba tekeer gaat, de buurt gevrijwaard is van boze geesten, want de Leba drijft ze weg.

Verblijfplaats
De verblijfplaats van de leba is vaak onder een bananenboom. Men beeldt hem af als een stokoude man, gehuld in vodden of bananenbladeren.

De Adoemankama winti/obia
Een Adoemankama is een kruising tussen een ampuku winti en een bakroe geest (wordt uitgebeeld als een kleine negerjongen met een groot hoofd). Beter gezegd een adoemankama obia heeft de eigenschappen van een ampuku obia en een bakroe geest. Van een bakroe wordt gezegd dat het heel zwaar werk kan verrichten. Het is een “bijkracht” welke de mens tijdens de slavernij nodig had om het zware werk te overleven. Een bakroe was hierbij het meest geschikt om de slaven ten dienst te staan. Het was als het ware een noodzakelijkheid voor de slaven. Daarnaast hadden de slaven de sluwheid van de Ampuku winti nodig omdat meester Ampuku alle andere winti kan imiteren. Dit was weer uitermate geschikt, om de blanke slavenmeesters te misleiden. Met deze gecombineerde kennis van de ampuku winti en de bakroe obia konden de slaven van tevoren weten wat de blanken van plan waren. Eigenlijk werden de meesters toentertijd in de gaten gehouden en bespioneerd. Vele slaven hebben gebruik gemaakt van de ampuku winti en de bakroe om hun meesters te beïnvloeden. Ook staat de ampuku bekend om zijn vrouwenliefde. Vele slavenvrouwen wendden hun ampuku of adoemankama aan om de meester en zijn vrouw te beïnvloeden. Zij zorgden er zo voor dat vele slavenmeesters bij hun vrouw weggingen. Dit als een soort straf voor de slavenmeester omdat hij ‘s nachts de slavinnen opzocht en ze dwong tot sex, en zo kinderen verwekte met slavinnen. Ook weggelopen slaven hebben de ampuku en de bakroe winti ingezet.

Het droevige
Het droevige hiervan is, dat behalve dat de slaven de ampuku en de bakroe gebruikten tegen de slavendrijvers, zij deze ook gebruikten tegen elkaar. Hierdoor verloor de kennis die ze bezaten hun ultieme werking. Nadat de slavernij voorbij was, en men het zware werk, de zweepslagen en de martelingen niet meer hoefde te ondergaan, raakte de Adoemankama obia in het verdom hoekje. Deze obia’s pikten dat niet en gingen zich tegen de mensen die gebruik van hen hadden gemaakt keren, en begonnen ze binnen de families hun toorn te laten gelden. Velen en hun nakomelingen hebben de
gevolgen hiervan ondervonden. Onverklaarbare ziektes met meestal de dood tot gevolg waren scheering en inslag. En dat ging maar door, generaties op generaties. Daarom leeft tot nu toe de angst voor de Adoemankama binnen heel veel families.

De goede kanten
Een adoemankama heeft ook wel zijn goede kanten binnen dit geheel. Hij vraagt misschien iets meer onderhoud dan de andere winti en ook is misschien wat minder vergevingsgezind dan de andere winti’s binnen de familie. Tenslotte is niet iedereen binnen een familie even integer. Hoe dan ook, één ervan (een winti) moet de slechte naam binnen de familie dragen. Als men ervoor zorgt dat de verhouding in balans is, heeft men een goede, hardwerkende en vooruitstrevende winti aan een Adoemankama obia. Echter, als hij er niet is, of zich in stilte houdt, ga niet naar hem op zoek. Geen nieuws is goed nieuws.